“Het heeft veel met emotie te maken. Zo heb ik er altijd moeite mee gehad om een kreeft in kokend water te dopen, het is dom en niet vriendelijk. Hoe kun je ze doodmaken zonder pijn, vroeg ik me af. Dronken voeren misschien? Zo deed ik een test met brandewijn. De kreeft viel meteen in slaap.”
Leg de kreeft gedurende 6 uur in een schotel met bv 1/2 fles Armagnac waardoor ze verdoofd geraakt en zonder pijn kan gekookt worden, u kan vrij experimenteren met andere alcohol.
Kreeft is het goud uit de zee. In Nova Scotia (Canada) is kreeft de belangrijkste soort binnen het zeeassortiment. Het rijke kreeftenvlees, in boter ondergedompeld, is in Novia Scotia de basis van menig feest. Zowel in een deftige omgeving als op een met krantenpapier bedekte keukentafel zorgt kreeft voor een ware smaaksensatie. Het kopen van kreeft
Levende kreeft moet goed bewegen en de staart moet terugspringen wanneer hij wordt rechtgetrokken. De kleur kan variëren van groen gevlekt tot blauw. De schaal behoort hard en dik te zijn. Kreeft moet levend klaargemaakt worden, waardoor ze een mooie helder rode kleur krijgt en een heerlijk aroma. Ook gekookt moet het staartvlees stevig gekruld zijn en in positie terugspringen wanneer je de staart rechttrekt. De vangst
Al in 1840 begon in Canada de commerciële vangst. Het was toen een plaatselijke lekkernij omdat de koeltechniek toen nog niet op punt stond.
In 1854 was men zover dat er kreeft tot conserven werd verwerkt, waarmee de eerste export ontstond. Tegenwoordig kan men overal ter wereld van levende Canadese kreeft genieten. De vangstseizoenen zijn zo ingedeeld dat er vrijwel het hele jaar verse aanvoer is.
De kreeftenvangst gebeurt door kleine zelfstandige vissers. Met hun boten varen ze rond en laten tussen de 300 en 400 kreeftenkorven zakken, waarbij ze de plekken met boeien markeren. Met regelmatige tussenpozen worden de korven gecontroleerd. Groei en gewicht
Kreeften gaan tijdens de nacht op zoek naar voedsel en eten schelpdieren als mosselen, oesters en Jacobsschelpen, maar ook krabben, zee-egels en dergelijke.
Ze openen de schelp met hun dikke schaar door hem als een soort notenkraker te gebruiken. De meeste tijd brengen ze alleen door op de bodem van de oceaan, op zoek naar voedsel. Als de kreeft uit zijn harde elastische schaal groeit, werpt hij deze af. Dit proces ‘moulding’ genaamd gebeurt meestal in de zomer. De juist verschaalde kreeft heeft dan een nieuwe maar nog zachte schaal. Binnen een paar uur na het verschalen slorpt de kreeft zeewater op en zwelt dan naar zijn nieuwe grootte. Het duurt vervolgens verschillende maanden voordat het nieuwe pantser is uitgehard. In hun eerste levensjaar wisselen kreeften wel 5 tot 7 keer van schaal. Hoe ouder een kreeft wordt, hoe minder dat gebeurt. Oudere kreeften slaan wel één of meerdere jaren over. De groei van een kreeft is afhankelijk van het seizoen en de plaats waar ze zich bevind, een leeftijd is daardoor moeilijk vast te stellen. In het algemeen kan men stellen dat een kreeft van 300 tot 450 gram ongeveer 6 jaar oud is. een volwassen vrouwtje kan wel tot 75 000 eitjes leggen, welke ongeveer een jaar onder de staart worden meegedragen, waarna ze uitkomen. Dit gebeurt vanaf midden juni tot in september. Bewaring
Levende kreeft bewaart u het best in de koelkast met een vochtige doek of krant, op deze manier kan hij moeiteloos 24 uur overleven. plaats kreeft nooit in zoet water, of gesmolten ijs want dat overleven ze niet! Professionelen beschikken over een zout aquarium waardoor ze uiteraard veel langer in leven blijven. Het koken
Het koken van kreeft is één van de eenvoudigste bereidingen.
Vul een grote kookpan met ruim water en voeg wat ui, selder, wortel, laurier, halve sinaasappel, halve citroen en vrij veel cayennepeper toe. Breng alles aan de kook en duw de kreeft (altijd met de kop eerst) in het water. Een kreeft van 500 gram moet 6 minuten koken. Voeg per extra 100 gram een extra minuut toe.
Het beste is om de kreeft na het koken een vijftal minuutjes te laten rusten, hierna snij je de kreeft doormidden. Smullen maar. Kostprijs
Bij een gekend groot warenhuis kost een kreeft van 500 gram vandaag 17 euro, een halve kilogram rundsfilet 14 euro…. En zeg nu zelf kreeft is toch altijd een feest !
De geur en het aanzicht van vers gebakken wafels…. zalig!
Samen met frietjes, bier en chocolade een Belgisch culinair erfgoed waar we terecht trots mogen op zijn.
Al rond 1200 werden er met de voorlopers van de wafelijzers gebakken.
Het was toen een ijzeren plaat met putjes, door de loop der jaren werd het instrument verfijnd.
Eén van de oudste wafelijzerafbeeldingen vinden we terug op een schilderij van Brueghel uit 1559.
In het midden van de 19de eeuw bedacht Maximilien Consael het concept van een groot reizend foorkraam die kermissen aandeed met gebak van vers deeg.
Op de Brusselse kermis van 1856 introduceerde hij voor het eerst de authentieke Brusselse wafel.
Het recept van deze wafel is een evolutie op zich,.
De Romeinen en de Grieken maakten al een soort wafel die ze bakten tussen twee ijzeren platen. In de Middeleeuwen werd dit beslag na het bakken rond de vinger gerold tot een hoorntje en nadien gevuld met stroop of gelei. De evolutie ging door en er kwamen vele andere wafellekkernijen, honingkoekjes, gevulde wafeltjes, …
Het wafelijzer
Een wafelijzer is als een fiets voor een renner.
Een Brusselse wafel moet mooi goudbruin en krokant zijn, daarom is een goed en onderhouden wafelijzer zeer belangrijk.
Bij het bakken moet de temperatuur ongeveer 250°C zijn.
Een Brusselse wafel meet 16 op 18 cm, telt 20 ruitjes en is dun gebakken, je moet bijna door de ruitjes kunnen kijken.
De Lekkerste wafels krijg je pas als je er een aantal hebt gebakken.
Het succes van de Belgian waffle, te danken aan wereldtentoonstellingen.
Op de expo ’58 was de wafel nog een randverschijnsel.
Het Arctic-ijsje was toen dé attractie! Het kraam van de Belg Maurice Vermeersch, met de naam ‘Bel-gem’ op de Wereldexpo van New York, waar wafels met aardbeien en slagroom te krijgen waren, lokte een ware wafelrage uit! Ook in Japan, in Aichi, in 2005, werden dagelijks ca. 6.000 Belgische wafels verkocht. Sinds 2008 houdt Thomas de Geest, een vroegere IBM-werknemer, een wafelkraam open in de V.S., met de spitsvondige naam ‘wafels en dinges’. Vooral zijn WMD-wafel (Wafel of Massive Deliciousness) doet de Amerikanen watertanden!
In dit continent worden er ook niet minder dan 11 merken van wafelijzers op het Internet gepromoot!
De Oostendse Visserskaai is uniek aan onze kust. Je vindt er onder andere de Vistrap, waar je dagelijks zeeverse vis kunt kopen.
Marie-Rose, een vissersvrouw die er al 30 jaar vis verkoopt, vertelt meer over de onweerstaanbaarheid van verse, Oostendse vis.
Tussen het station en het klein strand ligt deVisserskaai. Die plek is een must als je wilt genieten van al het lekkers dat de zee te bieden heeft.
Dagelijks zeeverse vis
Ten eerste heb je de Vistrap, een markt waar particulieren dagelijks terecht kunnen voor verse vis recht uit de zee. Uniek in Vlaanderen, want in de vismijnen van Zeebrugge en Nieuwpoort zijn particulieren niet welkom. Al wandelend langs de verschillende viskraampjes kies je er zelf je favoriete vis uit, met op de achtergrond de ruisende golven en schreeuwende meeuwen.
De geur, die enkel afkomstig kan zijn van zeeverse vis, komt je meteen tegemoet. Het is ook die scherpe geur die talrijke meeuwen naar hier lokt. Het aanbod van de Vistrap is afhankelijk van het seizoen en van wat de vissers die nacht konden vangen. Die dag is de keuze beperkt tot vooral kabeljauw en tong. De versgevangen vis ligt voor je uitgestald en je bepaalt helemaal zelf wat je die avond op je bord krijgt.
Vis is altijd van levensbelang geweest in Oostende, al sinds de 19de eeuw was er sprake van een vismarkt waar dagelijks verse vis werd verkocht. Over de jaren heen is deze markt verschillende keren van gedaante en locatie veranderd. Sinds 1989 kun je verse vis aan de Vistrap op de Visserskaai kopen. Vroeger leidde een trap rechtstreeks naar de aanmerende vissersboten. De visservrouwen verkochten de vangst toen in kleine tentjes aan de trap. In 1989 verdween de trap en ruilden de visservrouwen hun tentjes in voor een degelijk gebouw uit steen. Enkel vissers die hun eigen vissersboot hebben, mogen er hun vangst verkopen. Zo wil de stad verse vis blijven garanderen.
Al enkele eeuwen wagen mannen zich ’s avonds op de woeste zee om ’s morgens met een boot vol versgevangen vis terug te komen. Om 7 uur ’s ochtends al kun je op de Vistrap bij de visservrouwen terecht voor heerlijke vis recht uit de zee.
Enkel als het stormt, is er geen mens of vis te bespeuren, want dan wagen de vissers zich niet op de woeste zee.
Op een winderige maandagochtend trekken we naar de Vistrap om er de sfeer op te snuiven. Die dag staat er slechts één vissersvrouw, Marie-Rose, te verkopen. Haar man is de enige die de hevige wind van de afgelopen nacht durfde trotseren. Ze is al dertig jaar vissersvrouw en kent ondertussen het reilen en het zeilen van de Oostendse visvangst.
Haar leven wordt bepaald door de zee, de weersomstandigheden en natuurlijk de heerlijk verse vis die de zee te bieden heeft.
“Ik sta hier al dertig jaar, maar ben nog geen enkele dag tegen mijn zin komen werken. Ik vind het een leuke en boeiende job, want ik ontmoet ontzettend veel mensen. Als jong meisje woonde ik op de ‘boerenbuiten’ en had ik er nooit aan gedacht om vissersvrouw te worden, maar cupido besliste daar anders over. Ik werd verliefd op een visser, 30 jaar geleden stapten we in het huwelijksbootje en sinds die dag verkoop ik hier vis. Veel moeite moet ik hier niet voor doen, de vis verkoopt zichzelf. Het enige wat ik doe, is de vis klaarmaken. Ik haal het vel eraf, haal de ingewanden eruit en haal de kop eraf."
Een unieke locatie
“Er is veel veranderd de afgelopen dertig jaar, zowel voor mij als voor mijn man. Ik ben blij dat ik in 1989 mijn tentje mocht ruilen voor dit stevigere gebouw. Wat ik leuk vind aan de Vistrap is dat wij vissersvrouwen elkaar niet als concurrentie zien. Dat is niet vanzelfsprekend, want we staan hier tenslotte toch vaak met verschillende vrouwen dezelfde vis te verkopen. Iedereen heeft zijn eigen regels en zijn vast cliënteel, daar komen we niet aan. Ook van de supermarkten ondervinden we geen concurrentie. De mensen blijven naar hier komen omdat ze weten dat ze hier kwaliteit en versheid krijgen en daar betalen ze maar al te graag een beetje meer voor. We krijgen ook vaak toeristen over de vloer en ze zijn altijd onder de indruk. Zoiets als de Vistrap kom je bijna nergens meer tegen.”
De Oostendse Garnaal
Welke soort vis je op de Vistrap terugvindt, hangt van het seizoen af. Vandaag komen veel voorbijgangers vragen naar de heerlijke Oostendse garnaal, maar daar zullen ze nog op moeten wachten tot in juli. Juli en augustus zijn de topmaanden voor de Oostendse garnaal. Die is grijs en bevat meer smaak dan de roze garnaal. Nadat vissers de garnalen vangen, koken ze die volgens een speciaal proces op de boot. Je kunt er dus zeker van zijn dat de garnalen die je in Oostende koopt kraakvers zijn. Vandaar dat ze ook zo populair zijn in Oostende en ver daarbuiten. Je moet ze wel zelf pellen, maar dat draagt bij tot het plezier van het opeten. De prijzen op de Vistrap variëren van dag tot dag. De ene keer betaal je 25 euro voor een kilo tong, de andere dag enkele euro’s meer of minder. Met Marie-Rose valt niet te onderhandelen. Verschillende klanten proberen af te dingen op de prijs, maar onze vissersvrouw laat zich niet van haar stuk brengen. Het is een vrouw die niet bang is om haar handen vuil te maken. Met een grote behendigheid en ongelooflijke snelheid maakt ze de gekochte vis proper waar je bij staat. Je ziet meteen dat Marie-Rose haar vak kent. Ze haalt het vel van de vis, ontdoet hem van zijn ingewanden en, als je dat wil, fileert ze hem zelfs. Haar vuile handen veegt ze snel af aan haar schort. Ondertussen krijg je er een gezellige babbel bij in het Oostendse dialect. Marie-Rose spreekt iedereen steevast aan met ‘madamtje’ en ‘meneertje’ en doet alsof ze je al jaren kent. Je koopt niet alleen vis op de Vistrap, je leert er ook de echte Oostendenaar beter kennen.
“We denken eraan om over een jaar of drie te stoppen. Mijn man is haast elke nacht op zee en ik sta hier van 7 uur ’s ochtends tot 6 uur ’s avonds. Het is erg vermoeiend en we worden er ook niet jonger op. We zagen elkaar de afgelopen 30 jaar amper en willen binnenkort wat meer van elkaar genieten. Binnen drie jaar kunnen we dingen doen waar we de afgelopen jaren nooit tijd voor hadden, maar ik zal de Vistrap missen, wees daar maar zeker van!”
Zelf proeven?
Al wie vis niet zelf kan of wil bereiden, maar toch heerlijk verse vis wil proeven kan in Oostende zeker een lekker restaurant vinden.
Het recept voor garnaalkroketten vindt u binnenkort op mijn blog.
De film Julie & Julia is gebaseerd op twee ware verhalen en verstrengelt het leven van twee vrouwen die, alhoewel gescheiden door tijd en plaats, allebei hopeloos zijn... tot ze ontdekken dat met de juiste combinatie van passie, durf en boter alles mogelijk wordt.
Deze film is zeker een aanrader voor foodies, Meryl Streep speelt de rol van Julia Child, de echtgenoot van een amerikaans diplomaat die in Parijs werkzaam is. Ze ontdekt de geneugten van lekker tafelen en de goede smaak van boter, en besluit daar iets mee te doen....
Julie, Amy Adams, probeert de recepten van Julia en blogt daarover.Trailer
Niets is leuker dan een goeie smulfilm: een film vol eetscènes die je zin geven om achteraf het eerste het beste restaurant binnen te stormen en alles te verorberen wat op de menukaart staat.